THEMA AMÁN-LIED

Het amán-lied (Grieks amanés, manés) is een improvisatie van de stem op een korte poëtische tekst. Het is de Griekse pendant van de Turkse gazél (een Arabisch woord). Het genre komt overal in de makám-cultuur voor. De teksten zijn bijzonder bloemrijk.
Het woord amán is een Turks woord dat “ach”, “wee” betekent, en het zet vaak aan het begin van de dichtregels de toon. De rebètika kennen de vocale improvisatie ook binnen een lied. Daarbij is ook de uitroep “medet” (Turks voor “hoop”) te horen.

Inhoud:
109. Minore - Minore
110. Manés kalinichtiás - Amanés van de goede nacht
111. Oso ki an amártisa - Hoeveel ik ook gezondigd heb
112. Stamboul ousák manés - Stamboul ousák manés
113. Amanés tambachaniótikos - Amanés tambachaniótikos
114. Tzivaeri - Schat

109. MINORE

Elk moment zijn mijn ogen in tranen
en ik heb besloten om alles voor jou op te geven.

110. AMANÉS VAN DE GOEDE NACHT

Amán, het uur en het moment is gekomen
om mijn mond te openen
en mijn goede vrienden
een goede nacht te wensen.

111. HOEVEEL IK OOK GEZONDIGD HEB

Hoeveel ik ook gezondigd heb,
Het is niet mijn schuld
Maar van de valse maatschappij
Die draagt de schande.

112. STAMBOUL OUSÁK MANÉS

Wie mij hoort zingen
Zal zeggen dat ik vreugde ken
Maar in mijn hart
Groeit bitterheid en pijn.

113. AMANÉS TAMBACHANIÓTIKOS

Als ze komen en me zeggen
Om je op te geven
Zal ik het weigeren
Met mijn laatste adem.

114. SCHAT

Ach, een verborgen wonde,
kan die genezen?

Ach waarom in deze rampspoed
ben jij de oorzaak.